30.01.2015 Albert Huls

Deze ronde staat de koffie voor ons klaar in het nieuwe huis van Albert en Alie Huls aan de Luringstraat. Voor verhalen over ons dorp zijn we hier namelijk op het goede adres, want als er iemand betrokken is bij ons dorp, dan is het Albert Huls wel. Vergaderen was iets wat hij altijd graag deed, en dat leidde ertoe dat hij in verschillende commissies en besturen terecht kwam. Zo ook in stichting Ocrea, waarin hij bij een aantal belangrijke ontwikkelingen voor het dorp betrokken was.

In ’68 dreigde er een woningtekort in ons dorp. Van buitenaf wilde men er wel komen wonen en ook eigen jongeren wilden in het dorp blijven. Huls heeft zich er toen vanuit Ocrea hard voor gemaakt dat er woningen bijgebouwd zouden worden, en als de gemeente niet mee wilde werken, dan maar via Den Haag. En het lukte. Er werd gebouwd aan de Landlaan, Thedingelaan en Mennersingelaan, en zo groeide ons dorp tot een ‘forensen’ dorp van Stadskanaal.
Naast deze belangrijke ontwikkeling, concentreerde Huls zich vanuit Ocrea met name op cultuur. Hij was betrokken bij tentoonstellingen en concerten  en had in toenmalig wethouder Bloemsma een medestander gevonden die ook hiervan het belang in zag bij ons dorp. Vooral voor de jeugdsoos heeft Huls veel gedaan, waaronder ook oppassen viel. Zelf laat hij hierin alle eer gaan naar Eltjo Lutjeboer, die oppaste tot zijn 65ste. Die had nooit mot, wilde altijd helpen en had hart voor de zaak, eigenschappen waar Huls veel waarde aan hecht.

Een tijdlang heeft hij in de bijstandscommissie gezeten in de gemeente Stadskanaal, en als je ergens mensenkennis krijgt, is het daar wel. Bij het beoordelen of mensen recht hebben op bijstand komt best wel wat kijken, en je komt veel situaties tegen. Hij heeft er veel van geleerd, en heeft geen spijt dat hij daarin deelgenomen heeft.

Toen kwam er het moment dat ze er achter kwamen dat de naam Uneswido al 1100 jaar bestond. Klaas Meijer was in de Abdij Corvey bij Hökster aan de Weser waar hij in een tekst uit 875 de naam Uneswido tegenkwam. Met dit gegeven was de conclusie dat er een groot feest moest komen, en zo zat Huls in de organisatie van Onstwedde 1100.
Ter ere van het feest werden er munten geslagen, en werd stichting Munt opgericht. De opbrengsten waren in eerste instantie voor het bekostigen van het feest in 1977 maar waren zo hoog, dat er nu nog steeds een pot geld is waar zo nu en dan dingen die ten goede komen voor ons dorp uit betaald worden. Dit bestuur vond Huls het mooiste waar hij in heeft gezeten en nu ook nog steeds zit; een bestuur waarin je alleen maar geld hoeft weg te geven.

Huls heeft al in heel wat straten van ons dorp gewoond, en in sommige zelfs twee keer. Hun oudste dochter werd geboren aan de Luringstraat, de tweede op de Höfte, en hun zoon aan de Beukenweg. Aan de Wessinghuizerweg hebben ze de langste tijd gewoond van hun inmiddels 51-jarig huwelijk, en nu zijn ze weer teruggekeerd in de Luringstraat.

Huls zijn oorspronkelijke beroep was boer, maar toen hij lichamelijke klachten kreeg moest hij dit helaas opgeven. Hij kwam op de bus bij Sijpkes en bracht allerlei verschillende soorten groepen naar veel verschillende plaatsen. Voetbalsupporters, bedrijvenuitjes, VIP-reisjes. Vaak mocht hij als chauffeur zelf ook deelnemen aan de activiteiten. Hij kwam terecht in fabrieken, musea, kon altijd lekker uit eten en kreeg vaak cadeautjes. Hij had veel plezier in z’n werk, en mag nog steeds graag autorijden. Niets liever dan dat, want als z’n vrouw hem vroeg te grasmaaien probeerde hij er onderuit te komen, ‘want daar zit ja geen stuur op’.

Toch zat hij niet alleen op de bus, samen met een groep schaatsten ze heel wat af. Zo gingen ze in 1963 gingen ze verschillende dorpen bij langs, en hadden ze zo’n 20 wedstrijden waarvan ze er geen één verloren. Een mooie gezellige tijd.

Weer wat weetjes rijker over ons dorp gaan wij de kou weer in.