- Terug
- OorlogsverhalenOnstwedde
- Verhaal 7: Geertje Hooiveld-ten Have
Verhaal 7: Geertje Hooiveld-ten Have
De Duitse bezetting tussen 1940 en 1945 veranderde het dagelijks leven van de Nederlandse bevolking ingrijpend. Wat begon met kleine aanpassingen in regelgeving, zoals verduisteringsmaatregelen en censuur, groeide al snel uit tot een complete onderdrukking van de Nederlandse samenleving. De oorlogsinspanningen van de Duitsers zorgden er voor dat veel producten en materialen werden gevorderd voor het Duitse leger. Onder de Nederlandse bevolking leidde dit tot een periode met schaarste en distributiesystemen. Hoewel het gebrek aan voedsel in Onstwedde minder impact had dan in het westen van het land, waren ook hier veel producten en materialen niet of nauwelijks beschikbaar.
De maatregelen van de Duitse bezetters waren ook voelbaar bij Bakkerij Ten Have, gelegen aan de Havenstraat 5 in Onstwedde. Roelf ten Have woont hier met zijn gezin, vrouw Harmina ten Have-Hilgenga, dochter Geertje, dochter Tiny en zoon Klaas, werkten hard om het dorp van brood te voorzien. Grootmoeder Geertje Hilgenga-Buist, die naast de bakkerij woonde, hielp met kleine klusjes zoals het opstoken van de kachel. Ondanks de moeilijke tijden bleef de familie hun werk voortzetten, zelfs toen de Duitse bezetter steeds strengere regels invoerde. De distributiewetten maakten het steeds lastiger om voldoende grondstoffen te krijgen. Ook het verzetten van de klok, die met één uur en veertig minuten vooruitging, was een van de vele Duitse aanpassingen. Ondanks de uitdagingen bleef Bakkerij Ten Have functioneren.
Maar de echte moeilijkheden kwamen met de schaarste aan voedsel en vlees. Vader Roelf hield varkens in de schuur en vergat bewust af en toe een pas geboren biggetje op te geven voor registratie. Hierdoor ontving hij meer distributiebonnen en kon het gezin genieten van een stukje varkensvlees als het varken vet genoeg was voor de slacht. Een illegale praktijk die in het hele land gangbaar was, maar niet zonder gevaar. Op een regenachtige dag verscheen onverwacht een controleur bij de bakkerij, net toen het pas geslachte varkensvlees gepekeld werd. De familie moest snel handelen om illegaal geslacht vlees te verbergen. Moeder Harmina houdt de controleur net lang genoeg op zodat dochter Geertje snel met een stempelmachine het vlees kon voorzien van officiële markeringen. Een opluchting, want hiermee wist de familie een grote straf te vermijden.
Roelf stuurde ook geregeld zijn bakkersknechten Roelf en Hendrik van der Heide op pad om diep in de nacht rogge op te halen bij boeren in Pekela. Een gevaarlijke onderneming, want boeren zijn verplicht de volledige graanoogst af te staan aan de Duitse bezetter. Bakkers mogen hun meel alleen op de bon inkopen. De jongens slagen er in om onopgemerkt de rogge van Mussel naar de Bakkerij te vervoeren en slaan deze op achter in de schuur. Wederom komt er een onverwacht een controleur langs en ditmaal heeft de bakker minder geluk, de Rogge wordt ontdekt en meegenomen naar Winschoten. Hij weigert de boeren te verraden en komt na enkele dagen vrij met een flinke boete van 500 gulden. Je zou zeggen dat Roelf hier wel van geleerd zou hebben, maar de bakker blijft de regels omzeilen om zijn vak te kunnen uitoefenen. Zo blijft hij bijvoorbeeld de roggemalerij illegaal gebruiken, wat tot nog een boete leidt…
Ook maakt Ten Have er geen probleem van als hij een verdacht grote bestelling broden binnen krijgt die later voor de 17 onderduikers in het Stadskanaalster Achterhuis blijken te zijn. Iets lekkers voor bij de koffie is ook geen vanzelfsprekendheid, ook suiker is op de bon en er is bijna alleen nog maar surrogaat(namaak) koffie verkrijgbaar. Zelfs het rondbrengen van de broden op de fiets door dochter Geertje is lastig, door heel het land werden goede fietsen gevorderd en fietsen met mankementen waren lastig te repareren door een gebrek aan materialen. Ondanks deze tegenvallers bleef de bakkerij brood leveren aan het dorp tot het einde van de oorlog.
Het verhaal van Bakkerij Ten Have is een weerspiegeling van de bredere uitdagingen waarmee Nederlanders tijdens de bezetting werden geconfronteerd. De oorlog bracht schaarste en onderdrukking met zich mee, maar het dwong ook tot creativiteit en samenwerking. Families zoals de Ten Haves zorgden ervoor dat gemeenschappen bleven draaien, ondanks de moeilijkheden. Het leven op de bon beïnvloedde elke Nederlander in hun dagelijkse manier van leven en maakte de gevolgen van de bezetting voor iedereen voelbaar. Verhalen zoals dat van de familie Ten Have zijn slechts een van vele, maar blijven ons herinneren aan de menselijke kant van de oorlog en het belang van solidariteit in moeilijke tijden.
