- Terug
- OorlogsverhalenOnstwedde
- Verhaal 6: Jodenvervolging - Familie Meijer
Verhaal 6: Jodenvervolging - Familie Meijer
In Europa werden Joden al eeuwen gediscrimineerd op basis van hun geloof. Na de Eerste Wereldoorlog leefde de Jodenhaat op onder een klein gedeelte van de bevolking. Zij geloofden ten onrechte dat de Joden verantwoordelijk waren voor de Duitse overgave tijdens de Eerste Wereldoorlog. “De Dolkstootlegende”, zoals deze theorie later bekend zou komen te staan, werd door Adolf Hitler en zijn partij de NSDAP(Nazi’s) 'gebruikt om de Joden als zondebok aan te wijzen.
Toen Adolf Hitler en de Nazipartij de macht grepen in Duitsland in 1933, werd dit antisemitisme omgezet in staatsbeleid. De ideologie van de nazi’s, gebaseerd op de rassenleer, beschouwde de Joodse gemeenschap als een bedreiging voor de zogenaamde Arische superioriteit. In 1935 werden de Neurenberger wetten aangenomen, die Joden hun burgerschapsrechten ontnamen en hen uitsloten van het openbare leven. Na de Duitse inval en bezetting van Nederland in 1940, werden ook hier steeds meer wetten ingevoerd die de rechten van Joden inperkten. Het beleid om Nederland Jodenvrij te maken, zou uiteindelijk leiden tot deportaties van grote groepen Joden naar vernietigingskampen.
In Onstwedde woonden twee Joodse families, de familie Meijer en de familie Menkel. Hun verhalen laten zien hoe het gedachtegoed van de Adolf Hitler en zijn Nazipartij voelbaar waren tot in de kleinste dorpen van Nederland en diepe littekens achterliet in de gemeenschap.
De familie Meijer woonde al jaren in Onstwedde en waren bekend in heel het dorp. Salomon Meijer runde samen met zijn vrouw Carolina Jacobson een veehandel aan de Dorpsstraat 38. Hier woonden ze samen met hun kinderen Saartje, Simon en Mozes. Ze waren een hardwerkend en gastvrij gezin dat ondanks enkele vooroordelen een plek had gevonden in de hechte dorpsgemeenschap. De handel floreerde, en de familie stond bekend om hun behulpzaamheid en betrokkenheid.
Even verderop woont de vader van Salomon aan de Dorpsstraat 27. De vader van Salomon, Samuel Simon, woonde hier met zijn broers Jakob en Abraham en hun zus Schoontje. Het huis aan de Dorpsstraat 27 werd door de Onstwedders ook wel het Jeud’nhoes genoemd. Met de Duitse bezetting van Nederland in mei 1940 veranderde alles voor de familie Meijer. De maatregelen tegen de Joodse gemeenschap namen snel toe. Het begon met kleine beperkingen: reisverboden en verplichte registratie. In 1942 volgden drastischer maatregelen: de verplichte ster op de kleding en het verbod om publieke plaatsen te bezoeken. Salomon besloot dat het niet langer veilig was en hij vond samen met Carolina en zijn zoons Simon en Mozes een schuilplaats bij Jacob Korsse, een kennis in het dorp.
Tijdens deze periode bereikt de familie het trieste bericht dat Saartje, de enige dochter van Salomon en Carolina, in Apeldoorn is komen te overlijden. Door de gevaarlijke maatregelen kan het gezin de begrafenis niet bijwonen. Na enige tijd werd de schuilplaats bij Jacob Korsse te gevaarlijk. Via contacten binnen de gemeenschap kwam de familie terecht op de zolder van de textielwinkel van Jan en Jacoba Wever aan de Luringstraat. Hier leefden Salomon, Carolina, Simon en Mozes Meijer in angst en stilte, dag in dag uit. Vader Samuel Simon, Jakob en Schoontje weten geen onderduikadres te vinden en zij worden in 1943 in de nacht van 8 op 9 maart gearresteerd in hun woning, het Jeud’nhoes aan de Dorpsstraat 27.
In de nacht van 14 op 15 juni in 1943 gaat het ook mis voor het ondergedoken gezin aan de Luringstraat. De Landwacht, samen met enkele fanatieke NSB’ers, viel het huis van Jan Wever en Jacoba binnen. De Meijers werden ontdekt en gearresteerd. Alle gearresteerde Meijers ondergingen hetzelfde lot, afgevoerd naar kamp Westerbork en vervolgens gedeporteerd naar concentratiekampen in het oosten. Simon Samuel, Jakob en Schoontje vinden de gruwelijke dood in de gaskamers van vernietigingskamp Sobibor. Salomon en Carolina worden eveneens vermoord in de gaskamers van vernietigingskamp Auschwitz. Mozes en Simon worden niet meteen vermoord, maar worden geselecteerd om te werken voor de Duitsers. Mozes werd uiteindelijke op 15 maart 1945 in midden Europa vermoord, Simon kwam enkele dagen voor de bevrijding op 30 april 1945 om in Duitsland. Alleen Abraham Meijer, die ondergedoken zat op de Barlage bij Job Veldhuis, overleefde de oorlog.
