- Terug
- Nieuws
- LOSSE FLODDERS: Schaarste en een bombardement
LOSSE FLODDERS: Schaarste en een bombardement
In de oorlogsjaren was er schaarste. Elze Kruiter (1926-2003) wist ervan mee te praten. De luchtoorlog maakte destijds ook veel indruk op de jongeman.
Er was een tekort aan allerlei producten in de jaren ’40-’45. Bij Elze thuis verbouwden ze zelf tabaksbladeren. Na de oogst werd het gedroogd en dan in een buis gepropt. Dan sneden ze een ‘plakje’ tabak langs de rand van de buis eraf. Zo maakten ze rookwaren. Het eten was alleen op de bon verkrijgbaar en de winkels hadden weinig voorraad. Veel producten waren surrogaat, zoals koffie en suiker. Het brood was niet lekker. Het leek op een spinnenweb met dunne draadjes als je het uit elkaar trok, vond Elze.
Genoeg brandstof om het huis warm te houden was ook een probleem. ’s Nachts, dus in spertijd, trok hij er met anderen op uit om bomen te kappen. In de winter moest op de zaterdagmiddag ook de ketel van de centrale verwarming van de kerk bijgevuld worden, zodat de kerk al op de zaterdagavond warm gestookt kon worden voor de zondag. Elze hielp mee. Eens was hij daarmee bezig, toen er opeens heel veel lawaai in de lucht was. Hij rende naar buiten en zag Spitfires van de RAF, de Royal Air Force. Ze beschoten een Duitse legerwagen in de Havenstraat, richting Vlagtwedde. Bij het schieten raakten de Engelsen ook een korenmijt. Die vloog in brand.
Vaak vlogen er vliegtuigen over. De Engelsen gooiden soms magnesiumfakkels naar beneden om het luchtruim tijdelijk te verlichten en hun doelen te zien. Overdag bombardeerden de Amerikanen, ’s nachts de Engelsen. Op een dag kwamen er weer Amerikanen vanuit het westen over ons land om Hamburg te bombarderen. Ze werden aangevallen door een Duits squadron jachtvliegtuigen. Het was bewolkt en de navigatie was in die tijd niet zo goed als nu. Er werden verscheidene Amerikaanse toestellen uit de lucht geschoten. In paniek, of omdat ze dachten dat ze al boven Duitsland waren, lieten ze honderden bommen vallen. Die kwamen terecht op Bellingwolde, een grensplaats. Talloze huizen werden daardoor verwoest of beschadigd en onder de bevolking van het dorp vielen die dag, vrijdag 25 juni 1943, tien doden.
Zelf moest Elze drie maal op de vlucht voor Duitsers. Dat was om aan de werkplicht in Duitsland te ontkomen. Het was angstig. Wat ook veel indruk heeft gemaakt op Elze was de lafhartige moord op Mans Haan van de Vosseberg. Hij is in juli 1944 doodgeschoten omdat zijn broer, verzetsman Henk Haan, na een overval op een distributiekantoor, niet te vinden was op de ouderlijke boerderij.
Veel bekenden van Elze waren lid van de NSB. Hij koesterde er later niet veel haat meer tegen. Maar wèl had hij een hekel aan NSB’ers, die veel op hun geweten hadden of daar niet voor uitkwamen. Ook de NSB’ers die in hun hart nog steeds NSB-idealen koesterden, vond Elze niet goed. Hij maakte de bevrijding mee als bijna 19-jarige. Dat was een mooi moment. Elze vergat de Poolse sergeant Emanio Holsinski nooit meer. Wat had hij die nog graag eens ontmoet!
Met dank aan Edwin Venema voor de informatie, die is aangevuld met gegevens over het bombardement van Bellingwolde van de website van RTV Noord.
Foto: Contrails in de nacht van Duitse en geallieerde vliegtuigen.
Oproep:
Hebt u nog een bijzondere herinnering, klein of groot, aan de jaren ’40-’45 in Onstwedde? Of kent u iemand die er nog iets over kan vertellen? Voor de rubriek ‘Losse Flodders’ ontvangen we graag uw tip of informatie via de mail: redactie@onstwedde.info.
Lees meer over Losse Flodders
